zaterdag 30 augustus 2014

Joodse Begraafplaats Workum

Mooi artikel in de Leeuwarder Courant van vandaag (door Koen Pennewaard) over de herdenking op de Joodse begraafplaats in Workum. In halverwege de jaren tien van deze eeuw ontstond er druk in de samenleving om deze begraafplaats te restaureren Ik maakte toen een filmpje over deze Joodse begraafplaats in Workum. Het filmpje, de boodschap en mijn muziekkeuze in 2008,  het stuk Hava Nagila met name uitgevoerd door gitarist Dick Dale (zoon van een Libanese vader en een Poolse moeder) onder mijn beelden, vind ik nog steeds briljant. Het drukt een soort stuwende onrust uit. Kijk, Lees en luister....


DUW werkers, mannen met laarzen, uit een andere tijd.


Het gebied Stoenckherne
In mijn beleving heb ik nog een een staartje van de z.g. werkverschaffing tijd meegemaakt. Eind jaren vijftig van de vorige eeuw.
In het gebied de Stoenckherne, achter de zeedijk nabij het Dikhûsjen in Hylpen, lag eind vijftiger jaren nog een onontgonnen kavel. Het betrof een stuk woeste buitendijkse kweldergrond als overblijfsel van de voormalige Zuiderzee. De Dienst Uitvoering Werken (DUW) die verantwoordelijk was voor de uitvoering van de werkverschaffingsprojecten, liet dit stuk grond door de Heidemij in cultuur brengen. Ik herinner mij, dat er een rails met een lorry door het gebied reed om de zwarte grond mee te verplaatsen. Nieuwe waterlopen, greppels, rasters, duikers en stuwen werden door lokale arbeiders afkomstig uit de kaartenbak van het arbeidsbureau, als werkverschaffing aangelegd. Boeren kregen het land daarna in gebruik als grasland. Deze noeste grondwerkers dronken altijd gezamenlijk 's morgens koffie en 's middags thee in zo'n karakteristieke schaftkeet. Die keet was gemaakt van groen geschilderde houten rabat-schroten met een raampje, een deur en een rond gebogen dak.
Natuurlijk hadden wij als kleine Hylper scharrelkinderen in de jaren vijftig deze volwassene-activiteiten op onze tochten in het buitengebied allang in het vizier. Geen sterveling had toen ooit gehoord van peuterspeelzaal, kleuterschool of kinderopvang. Het ontbreken van deze fenomenen zie ik als basis voor mijn zorgeloze jeugd, het fundament van mijn latere leven! Op één van onze scharreltochten kwamen we al spelend kregen wij in het veld deze DUW op de korrel. Mannen met petten. Ze zaten allemaal bij elkaar voor de schaftkeet in de luwte van een droge schrale voorjaarswind. Genietend van een bescheiden maartse zonnetje Ze keken voor zich uit, zwegen, dronken koffie en schransten hun broodtrommel leeg.
Mijn oog viel op één van hen. Pieter, de opzichter. Een schrale man, al een beetje op leeftijd. Alpino pet, rubber laarzen, verschoten blauwe overall, bruin manchester jasje en een rode zakdoek om zijn hals geknoopt. Hij had in zijn blauwe emaillen broodtrommel, naast een onmetelijke grote stapel bruine boterhammen, een groot stuk bruine kantkoek.
Mijn tienjarige bolle wangen ontploften toen DUW-opzichter Bjinse, na zijn eerste gretige hap in die, besuikerde bruine stroperige kantkoek-massa, achteloos weer uit zijn mond trok.
Een onbeschrijfelijk moment voltrok zich: zijn prothese, de onderkaak van zijn kunstgebit werd uit zijn mond gesleurd. Die hechte zich als een palinghaak in de overgebleven taaie kantkoek.
Zo'n verbouwereerde tandeloze mombakkes van die DUW opzichter blijft je een mensenleven bij....