zaterdag 10 maart 2012

Privebericht uit WOII

Ate Jan van der Kooij (sr)
Onderstaand briefje schreef mijn Ate, (Opa) Jan van der Kooij uit Hindeloopen op 24 november 1943 aan zijn zoon Marten van der Kooij te Amsterdam (mijn oom, broer van mijn moeder) naar aanleiding van de geboorte van zijn kleinkind Jan van der Kooij op 19 november 1943. Dat was gedurende WOII. Hij gaat daarbij ook in op de levensomstandigheden van hem en zijn familie in Hylpen. (Hindeloopen)


Beste Kinderen,
Ik hoor van Aagje dat het bij jullui best in orde is, darom zal ik je nou maar filiceteeren. 't Is met Trijn best, en een flinke jongen zegt Aagje. Nu ik wensch je daarom maar dubbel geluk hoor en Gods zegen in de toekomst. We maken het naar omstandigheden ook heel goed. Douwe is nu tabaksplanter en kerver en sigarettenmaker, dus hij heeft nu ook een goed bestaan. Elke dag een of twee liter zoertermelk, brood genoeg en aardappels en groente en wanneer 't hem aan boter ontbreekt, dan ruilt hij maar met tabak en de snoekbaars niet te vergeten. De vangst is echter het heele jaar zeer schraal. Aan kleeren hebben we beiden vooreerst ook geen gebrek. 't ergste was de vorige week dat mijn stopnaald brak in heel Hindeloopen was er geen meer te krijgen, doch nu heb ik alweer twee, een van Dieuwke en een van een boerevrouw. Je moet echter niet meenen dat het op het land overal zoo is als bij ons. Je moet hier net als overal wat hebben te ruilen, doch heb je dat niet dan kom je op de koffie.
Nu kinderen de beste wenschen van ons allen, en maar geloven en hopen op een betere toekomst.
Vader, Hindeloopen 24 november 1943