Doorgaan naar hoofdcontent

Wur ies op erde in laand te fynden?


Wur ies op erde in laand te fynden? Zo begint de inleiding van drs.Margarite Smit over haar jeugdherinneringen aan Friesland, met name aan het voormalige zuiderzeestadje Hindeloopen.  Margarite is born and raised in Sneek. Zij studeerde theaterwetenschappen aan de UVA en is woonachtig in Amsterdam. Zij is freelance theatermaker, docent drama/cvk en maatschappijleer aan de Katholieke Scholengemeenschap in Hoofddorp. 
Omdat het over Hylpen gaat en omdat het mijn lieve dochter is, treedt ze vandaag op als gastblogger 

Ik kan niet over Friesland spreken zonder dat het over mezelf gaat. 31 jaar geleden ben ik geboren in Sneek. Mijn ouders komen allebei uit Hindeloopen. Toen zij met elkaar trouwden wilden ze daar graag weg, het werd misschien toch te klein. Maar de banden met Hindeloopen waren niet door te snijden. In mijn herinnering reden we iedere zondag naar Hindeloopen om familie te bezoeken. Als we over de sluis de stad binnenreden dan was het voor mij alsof we een droomwereld binnen reden. De tijd had stil gestaan, de mensen waren allemaal personages uit een oude vertelling en er werd zelfs een aparte taal gesproken;  het Hylpers.

Taal
Deze taal is de kern van de Hindelooper cultuur. Iedere echte Hylper zal er alles aan doen om deze taal te bewaken. Het Hylpers was de eerste taal die ik leerde. Toen ik naar de kleuterschool ging en ontdekte dat ik een afwijkende taal van mijn ouders had geleerd werd ik woest. Hoe konden ze me zo van mijn leeftijdsgenoten geïsoleerd hebben. Hoe kon ik vrienden maken als ze me niet eens konden verstaan? Toen ben ik naar huis gegaan en heb ze medegedeeld dat ik vanaf dat moment alleen nog maar Nederlands zou spreken. En zo geschiedde. Mijn ouders spraken Nederlands tegen mij en Hylpers tegen mijn broer en elkaar. Het werkte voor de familiare communicatie heel verhelderend. Ik wist precies wanneer het voor mij bedoeld was en wanneer ik even kon afhaken aan de eettafel. In Hindeloopen werd dat minder gewaardeerd. ‘Jo lik van jimme proatet jo gin Hylpers?’ Jo is toch gin Hollaander?’ Jimme mutte jer wol go opvoedje.’  Het wordt als arrogant beschouwd als je de taal niet spreekt. Iedere niet Hylper wordt ook stug als Hollander bestempeld of hij nou uit Amsterdam of Oost-Groningen komt. Ik heb mijn Ame (oma) wel eens gevraagd wat volgens haar de definitie van een Hollander was. Ze antwoordde met: iemand die hier niet vandaan komt. Helder.

Klederdracht:
De klederdracht is een ander verhaal. Het is ook gebruikelijk dat ieder Hylper kind eens op de foto gaat in deze klederdracht. Zo ook ik. Tegen mijn zin. Ik kan me nog herinneren dat ik er alles aan gedaan heb om deze foto te saboteren. Zo stonden er meerdere mensen aan me trekken en te hijsen om me dat pakje aan te krijgen en mijn vader deed zijn best hier een leuke foto van te maken. Maar ik vond het ridicuul, ik liep duidelijk voor aap. Mijn Ame stond er hoofdschuddend bij en zei: ‘Jo het er gin sin oan du kest dat faan naat twingen!’ Jo dwait toch presies het jo sem wol!  Ik heb afgelopen weekend mijn vader de opdracht gegeven de dia van dit moment op te sporen bij mijn ouders thuis. Dit is helaas niet gelukt. Wel kunt u, mocht u ooit in Hindeloopen komen, mooie ansichtkaarten kopen in het museum, met dames in klederdracht. En u kunt er dan gerust vanuit gaan dat het of mijn moeder, mijn tante of mijn ame of een ander familielid is die op die kaart staat.

Schilderkunst en meubels:
De meubels zijn erg in trek als je Hylper bent. Het is gebruikelijk om ieder kind dat geboren wordt een klein Hindelooper beschilderd stoeltje te geven met zijn of haar naam en geboortedatum achterop. Veel kinderen liggen hun eerste jaren in een Hindelooper beschilderde wieg of ledikant. Waar dan ook je naam weer opgeschilderd wordt. U begrijpt dat ik meerdere meubelstukken bezit die Hindelooper beschilderd zijn en voorzien van naam. Een tafel, een dienblad, een kapstok, houten klompen, een stoeltje, een paraplubak. Ik word er wel eens gek van, maar ik kan er ook geen afstand van doen.
Mijn Ame was de dochter van de Hindelooper meubelmakersfamilie Stallmann die voor de firma Roosje werkte. Het zelf maken en beschilderen van wanden, meubelen en gebruiksvoorwerpen door de Hindelooper bevolking geschiedde vooral in de l7e en l8e eeuw. Opvarenden van koopvaardijschepen die in Hindeloopen woonden, zagen op hun reizen naar de Scandinavië nieuwe vormen en kleuren. Vermoedelijk onder invloed daarvan groeide in de stad vooral tijdens de winterdagen wanneer de bemanningen thuis waren, een eigen interieur- en schilderkunst.
In de 19e eeuw verdween de welvaart en verarmde de stad snel. Ten einde zoveel mogelijk te bewaren, begonnen de heren Roosje en Stallmann in 1894 met het vastleggen van de maatstaven voor deze interieurkunst. De familie Stallmann hervatte de productie, daar bij zeer ambachtelijk werkend met de authentieke kleuren, motieven en vormen.
Tegenwoordig is de vijfde generatie Stallmann in het bedrijf actief.
Nu zat de verkoop van deze meubels wat in een dip dus er is dringend naar een doorstart gezocht. De handelsgeest is de Hindelooper nog steeds niet vreemd. Een meubelontwerpster genaamd Christien Meindertsma werkte samen met de gebroeders Stallmann om zo de meubels in een nieuw jasje te steken. Onder de naam ‘Oak Inside’ zijn de meubels op de beurs afgelopen voorjaar in Milaan verkocht.


Uut e Luu.
Een bijzondere plek in Hindeloopen is de leugenbank. De plek waar vooral de mannen samen komen om sterke verhalen met elkaar te delen en een shagje te roken. Als wij op zondag naar Hindeloopen gingen wist mijn vader niet hoe snel hij een sprintje moest trekken naar de leugenbank. En dan liet hij ons achter in het te heet opgestookte huisje van mijn Ame, want zelfs in de zomer stond de kachel nog te branden. Ze zal het ooit in haar leven heel koud hebben gehad. Ik ging wel eens met mijn vader mee. Ik speelde dan wat bij de haven, maar zat stiekem en vol bewondering naar die mannen te kijken en te luisteren. Het waren eigenlijk meer kleine jongens die even vrij waren van alle huiselijke beslommeringen, hun werk en hun klagende vrouwen. Ze waren even weer de stoere jongens met kattekwaad en grootspraak. Mijn Ate (opa)schreef voor het plaatselijke krantje Uus likje Wraald in het Hylpers een terugkerende column die Uut e Luu heette, uit de leugenbank. Hij verzon dan sterke verhalen personages en liet ze steeds een ander avontuur beleven en was daarnaast ook nog eens maatschappijkritisch.

Hylper.
U heeft vast in mijn verhaal gehoord dat ik een strijd heb willen voeren met mijn afkomst. Maar als ik nu in Hindeloopen kom, voel ik me daar meer thuis dan in Sneek. Hindeloopen ademt nostalgie uit.
Er was eens man die tegen mij zei; Ah du bist in Hylper. Je bent een Hindelooper. Nee ik kom uit Sneek. Waarop de man zei ‘At in kat junget yn de oaven binne het jitte gin broadjes’ . Als een kat jongen krijgt in de oven zijn het nog geen broodjes. Ik was eerst wat geïrriteerd maar later dacht ik wat fijn.
Ik mag mezelf dus Hylper noemen. Soms op zondagen als ik op de Brouwersgracht in Amsterdam uit mijn raam kijk, droom ik wel eens weg over Hindeloopen. Dan fantaseer dat ik er eens een huisje zal hebben. Waar ik dan woon met een stoere zeeman en dat ik dan voorstellingen ga maken met de plaatselijke bevolking in het buurthuis. En dat mag dan best een slechte revue zijn. Lijkt me heerlijk.


Populair

Korte impressie tentoonstelling Doeke Tolsma. Een unieke Bolwarder

Vanmiddag kreeg ik een speciale rondleiding van mede organisator Bert Brinks en tevens suppoost in de Doopsgezinde Kerk te Bolsward. Er is daar nog tot vrijdag een overzichtstentoonstelling te zien van het werk van de op 2 juli 2014 overleden Bolswarder kunstenaar Doeke Adam Tolsma (DAT).
Het is een mooie, intieme en kleinschalige tentoonstelling. In een prachtige Vermaning en een echte historische schuilkerk. Doeke kruipt met zijn strips in de haarvaten en de krochten van Bolsward. Dat levert een prachtig en tevens uniek tijdsbeeld van Bolsward en de Bolswarders tijdens de laatste eeuwwisseling. De landschapstekeningen en aquarellen zijn fris. De tekeningen van zijn ouders zijn realistisch en raken je. Bolsward kan met recht beretrots zijn op het feit, dat het een dermate groot tekentalent heeft voortgebracht. 
Zoals ik zei: Tot a.s. vrijdag is het werk van Doeke nog te zien. Het kunst waar niks tussen zit en wat aan de verwachting van velen zal voldoen. Der hinne..!!!     Omdat het on…

Hylper Fisk & Folkloredei op 2 september 2017

Schnoor

Half mei van dit jaar waren we in de Altstadt van Bremen. In de wijk Schnoor. Ooit geweest? Het is werkelijk één van de kersen op de taart in het geval je de binnenstad van Bremen bezoekt. Zo zie ik graag naar de wereld graag. Stukje van mijn opvoeding, kennelijk. Nostalgie uit de middeleeuwen. Ik maakte daar geanimeerd contact met een inwoner uit deze wijk. Hij zei aan het einde van ons gesprek lachend: "Die Holländer sprechen besser Deutsch wie die Bayern!"
De Schnoor is een stukje levende geschiedenis in Bremen. Dit is het oudste deel van de stad. De originele bewoners van dit bontgekleurde wijkje waren vissers, handelaren en ambachtslieden. Gelukkig bleven de typische huisjes in dit gebied tijdens de tweede wereldoorlog gespaard en mede door grote restauraties in 1994 lijkt Schnoor nu een openluchtmuseum van smalle straatjes, kleine huisjes, gezellige cafeetjes en bijzondere winkeltjes. Kijk hier naar een paar foto's
Schnoor is Noord-Duits voor 'touw' en verw…

In de Krant...een verhaal over een Schuytman op de Kruiswaters

Een filmpje over de aanleg van een dassentunnel