vrijdag 16 juni 2006

De Taanderij.

Mijn fascinatie voor de taanhuis gevelsteen aan het voetpad van de Koopmansgracht in mijn fotologje van maandag 12 juni 2006 voert terug naar een ver verleden. Ik mocht als kind (10) meehelpen spullen te tanen met de gebroeders Douwe en Willem Brouwer van de visserssloep de HI 12.
Een sensationele belevenis, die enorme kokende en dampende pot met diepbruine vloeibare prut. Het opkomende "woensdagmiddaggevoel" diende als een soort heilig vormsel met voelbare spirituele kracht. Dat gevoel heeft gelukkig een definitieve status in mijn leven be/gehouden. "Een grote kurk waarop je drijft!"
"Zo'n kurk moet je goed taanen!" hahaha.
De geboeders van de HI12 taanden zo, eens per twee jaar hun botnetten, henneptouwen, katoenen zeilen en andere visserijbenodigheden. Die spullen werden ondergedompelt en gekookt in een oliedrum met een in water opgelost middel genaamd: cachou. Dit is een hard samengeperst looistofhoudend extract uit de bast, het hout, of de vruchten van bepaalde Oosterse heesters. Deze oliedrum stond opgesteld op een drietal grote ronde keien in een driehoeksformaat, achter de dijk. Gelegen aan de IJsslemeerkust, plaatselijk genaamd: "De Köhze" Tussen de keien werd het houtvuur gestookt. (Milieu)wetten en praktische bezwaren kregen toen geen schijn van kans om er tussen te staan.
Op de foto wijs ik met weemoed het relict aan van het historische taanderij plekje!.

Rembrandt-Caravaggio (nrc 15-06-06)



Je sizze, dot Rembrant oasient het van Caravaggio. Iek halt ut op Rembrandt, mar dy Caravaggio must naaet uutflakke.