zondag 26 september 2004

Hallelujah .......


I couldn't feel, so I tried to touch
I've told the truth, I didn't come to fool you
And even though
It all went wrong
I'll stand before the Lord of Song
With nothing on my tongue but Hallelujah "

Leonard Cohen Hallelujah lyrics

Leonard Cohen Hallelujah lyrics

The one and only....HHH


pics: by Anske Smit Sneek

NRC Handelsblad - Kunst: Andre Hazes was vooral een blues-man

Gisteren overleden André Hazes was niet alleen een vertolker van het levenslied, maar ook een rock'n'roller en een blues-zanger. Hij had veel gemeen met Herman Brood, meer dan met collega-zangers als Frans Bauer of Marco Borsato.


ROTTERDAM, 24 SEPT. Na afloop van de herdenkingsbijeenkomst voor Herman Brood in Paradiso in juli 2001 zat André Hazes op een trapje naast de popzaal in de zon een blikje te drinken. Kort daarvoor had hij een messcherpe versie gezongen van de blues-klassieker What I'd Say.

Op de vraag van een verslaggever hoe hij zich Brood herinnerde, kon hij door emoties overmand geen antwoord geven. ,,Ik heb een broer verloren. Herman forever, zet dat maar in je artikel.'' Voor Hazes' vijftigste verjaardag had Brood nog een tekening gemaakt, hij was toen al te ziek om op het feestje te komen. 'Jonge strijder' had Brood eronder gezet.

Nu is Hazes zelf bezweken, aan twee hartaanvallen. Hij was 53, een jaar jonger dan Brood toen hij van het Amsterdamse Hilton-hotel sprong. De geestverwantschap tussen Hazes en Brood bewijst dat de Amsterdamse zanger niet alleen een vertolker van het levenslied was, gewaardeerd door zowel Jordanezen als corpsballen, maar ook een authentieke blueszanger, die respect genoot onder collega-muzikanten. Brood hielp Hazes bij zijn coming out als zanger die meer kon dan alleen smartlappen. Op een benefietavond voor Amnesty International in 1983, die live op televisie werd uitgezonden, speelden ze samen opwindende rock'n'roll. Hazes was voor de gelegenheid getooid met een jaren vijftig-kuif.

Hazes en Brood hadden meer gemeen. Beiden braken eind jaren zeventig door, beiden zijn te beschouwen als product van het hedonisme van die jaren. Alleen greep Hazes niet naar drugs, maar naar zijn eeuwige Heineken en Camel. Zoals Brood de 'troeteljunk' van Nederland werd genoemd, was Hazes de nationale 'troeteldrinker': zie de reclame waarin Hazes een koekje in zijn glas doopt - inmiddels in allerijl van de buis gehaald.

Eind jaren tachtig kon Hazes kiezen uit twee jubileumcadeaus van zijn platenmaatschappij: een zeiljacht, of de vrije hand om een blues-plaat op te nemen. Hazes koos voor dat laatste. Het resultaat was Dit is wat ik wil (1989), waarop gelouterde rockers als Jan Akkerman, Kaz Lux en Brood meespeelden.

Die plaat vol bluesnummers met Nederlandstalige teksten was niet wat het grote publiek wilde en Hazes bleef het levenslied zingen, maar vaak met de directheid en intensiteit van een oude bluesman. Zijn muzikale gevoel maakte dat hij ook bewonderd werd door generaties popliefhebbers die weinig hadden met het levenslied. Met camp, het superieure gevoel voor 'slechte smaak', had dat niets te maken.

Het behoort tot de clichés van de rock 'n' roll dat popmuzikanten hun hotelkamers verbouwen. Hazes sloeg meubelstukken in eigen huis stuk - waarop zijn vrouw Rachel hem op straat zette. Dat leverde een aangrijpende scène op in de documentaire André Hazes: zij gelooft in mij, gisteravond uitgezonden door de NPS. We zien Hazes in een Rotterdamse hotelkamer terwijl hij niet weet of zijn vrouw nog naar zijn grote concert in Ahoy' zal komen. Het ironische gegniffel van een deel van het bioscooppubliek tijdens de film om die ordinaire familie Hazes, verstomde op dat moment volledig.

Echte opvolgers heeft Hazes niet. In het levenslied is de brave Frans Bauer nu heer en meester, die het liefst zingt over rode rozen en sterren die aan de hemel staan. Ook in de popmuziek gaat het er tegenwoordig heel wat kalmer aan toe, met zingende cabaretiers als Acda en De Munnik ('cabarock') en de kabbelrock van Bløf. De nieuwe generatie pleegt geen roofbouw meer op zichzelf, maar stippelt zijn carrière zorgvuldig uit.

Omdat Hazes optrad in voetbalstadions ligt een vergelijking met René Froger en Marco Borsato voor de hand. Het bijzondere van Hazes was dat hij het eigenlijk alleen van zijn stem moest hebben. Een podiumact had hij nauwelijks. Hazes gebruikte ook wel vuurwerk, lichteffecten en andere tierelantijnen.Maar eigenlijk had hij genoeg aan een hoedje. Die eenvoud hoorde ook bij de blues.
Beste Sneekers in Damtotdamloop 2004

pics: by Anske Smit Sneek